Vergaderen in een voedselbos

Hoe maak je de voedseltransitie tastbaar? Vergader eens in een voedselbos

Tijdens de Week van Ons Eten verruilden we ons normale maandagochtendoverleg op kantoor voor Koploper Voedselbos Zernike. Want soms hoef je niet nóg meer over een transitie te praten. Je moet er gewoon even middenin gaan staan.

De voedseltransitie tastbaar

De Week van Ons Eten. Een mooie aanleiding voor een post op LinkedIn. Maar een paar weken geleden schreven we zelf al: je kunt zo’n week óók aangrijpen om iets te doen. Dus: practice what you preach. Ons normale maandagochtendoverleg vond deze zonnige herfstdag een keer niet plaats op kantoor, maar buiten. Tussen de bomen, struiken en kruiden van Koploper Voedselbos bij BuildinG op de Zernike Campus. 

En dat was niet zomaar een willekeurige groene vergaderplek. BBENG is één van de deelnemers aan het voedselbos. We droegen bij aan de realisatie ervan en collega’s Nanko en Nienke hielpen zelfs mee met de aanplant. 
Nu, een jaar later, konden we zien wat daar inmiddels groeit. Een voedselbos is nooit af. 

Een voedselbos bestaat uit lagen
Ramon Leijten van Stichting Koploperbos nam ons mee het voedselbos in. En wie bij een voedselbos vooral denkt aan een paar appelbomen en struiken waar je af en toe iets lekkers vanaf kunt plukken: er zit iets meer achter. Een voedselbos bestaat uit verschillende lagen die samen een systeem vormen. Water, kruiden, bollen en knollen, struiken en hogere bomen: iedere laag heeft zijn eigen functie. Het idee is dat die lagen uiteindelijk steeds beter met elkaar in balans komen en het systeem zoveel mogelijk zelfvoorzienend wordt. Dat kost alleen tijd. Sterker nog: een voedselbos is na de aanplant eigenlijk nooit ‘af’. Bomen moeten groeien, schaduw moet ontstaan en planten moeten hun plek vinden. Op Zernike is dat proces mooi zichtbaar. Sommige soorten doen het goed, andere worden verdrongen en hier en daar neemt de natuur zelf enthousiast de regie over. Tussen al dat groen staan onder andere hazelaars, walnoten- en perenbomen, kruiden en verschillende andere eetbare soorten. 

Maar op deze plek wordt breder gekeken dan voedsel alleen. Zo staat er bijvoorbeeld een snelgroeiende Paulownia-boom, wordt getest wat de boom kan betekenen in houtproductie, en wordt er op de klimaatproeftuin geëxperimenteerd met gewassen zoals vlas, voor biobased bouwen. Het maakt deze plek een bijzondere mengelmoes van voedsel, natuur, onderzoek en experiment. 

Het kleinste bos met misschien wel de grootste impact 
Dit is het kleinste voedselbos van Stichting Koploperbos. Voor serieuze voedselproductie heb je veel meer ruimte nodig. Toch is dit volgens Ramon misschien wel dé plek waar ze de meeste impact maken. Juist omdat het klein is. En vooral: omdat het hier ligt. Midden op de Zernike Campus, naast BuildinG en onderdeel van de klimaatproeftuin. Studenten lopen er langs. Docenten gebruiken de plek voor een buitencollege. Bedrijven krijgen hier rondleidingen. Er wordt onderzoek gedaan en ondertussen kunnen mensen gewoon tussen de bomen doorlopen, zien wat er groeit en het verhaal achter een voedselbos horen. Het bos wordt daarmee bijna een miniatuurversie van wat op grotere schaal mogelijk is. Je ziet hier hoe voedselproductie, biodiversiteit, klimaatadaptatie, educatie en sociale ontmoeting elkaar kunnen versterken. Niet verstopt op een groot stuk grond buiten de stad, maar juist op een plek waar veel verschillende mensen langskomen en het verhaal actief wordt verteld. 

En dat maakt het ook een interessante gedachte voor bijvoorbeeld gemeenten. Want misschien hoeft de eerste vraag niet altijd te zijn: hoeveel voedsel kunnen we hier produceren? Je kunt ook vragen: wat kan zo’n plek in beweging brengen? 

Een relatief klein voedselbos op een slimme plek kan mensen laten zien waar voedsel vandaan komt, ruimte bieden voor onderwijs en onderzoek, bijdragen aan biodiversiteit en hittestress tegengaan. En in een wijk kan zo'n plek ook een ontmoetingsplek worden waar bewoners samen planten, beheren, oogsten en leren. De opbrengst zit dan niet alleen in kilo’s appels, peren of hazelnoten. De opbrengst zit óók in de mensen die er komen. 

Met onze voeten in de klei
“Dit voedselbos is eigenlijk een middel waar alles samenkomt: voedselproductie, biodiversiteit, landschap, klimaatadaptatie én het sociale." Zegt collega Maarten Groeneveld. “Het verbindt mensen en domeinen. Eigenlijk precies wat wij met BBENG ook doen. Alleen staan we hier nu letterlijk met onze voeten in de klei.” 

En daarmee kreeg ons maandagochtendoverleg nét dat beetje meer, Dezelfde agenda, dezelfde collega’s. Alleen op een andere plek. En daardoor hoorden we ineens een verhaal dat we op kantoor niet hadden gehoord. Zagen we wat er inmiddels groeit op een plek waar we zelf aan hebben bijgedragen. Zo kan een thema als voedseltransitie ineens een stuk tastbaarder worden. 

Om deze reden maakten we eerder onze Voedselkalender. Themaweken en -dagen zijn mooie momenten om ergens aandacht voor te vragen. Maar ze zijn óók een excuus om eens iets anders te doen. Je hoeft daarvoor niet meteen een groot evenement te organiseren. Verplaats je teamoverleg. Ga langs bij een initiatief uit je eigen regio. Nodig iemand uit om twintig minuten te vertellen. Loop samen een rondje. Proef iets. Stel vragen. Je vergadering stond toch al in de agenda. 

Ook een keer een vergadering of meeting in het Koploperbos organiseren? Dat kan! Maarten brengt je graag in contact!

Meer weten over de voedseltransitie of het koplopersbos?
 Mail of bel Maarten